Home

Techniek Pito in 6e leerjaar

Op 30 november kwam het Pito naar Gibo driehoek, om ons meer over techniek bij te brengen . We werden in groepjes verdeeld van 4 of 5.

We moesten de beebots(kleine bij robotjes)programmeren.

Je moest ook een brug maken met houten stokjes. Deze moest minstens1 meter lang en stevig zijn. Dit deden we met stokjes en loom bandjes.

Daarna mocht je een of twee speciale puzzels maken, een soort tangram.

Je kon ook morse code doen met Suske en Wiske en dan een

zinnetje doorgeven. Dat was wel leuk.

Daarna moest je ook dingen met elektriciteit doen en een toren maken

op een magneet met vijzen.

Toen werden de klassen verwisseld van groep .

In de tweede groep gingen we een leuk lampje maken. Je mocht

er zelf een tekeningetje in steken, want dan heb je een leuk effect.

We mochten het lampje zelf in elkaar steken en daarna testen. Het

leukste was dat het lampje verschillende kleuren had.

 

Lorena en Raven

6B speelt Sinttoneel

6B heeft vrijdag 1 december 2016 een sinttoneel gespeeld voor de tweede kleuterklas, derde kleuterklas, het eerste leerjaar, het tweede leerjaar en het derde leerjaar. De ouders, grootouders en familie mochten ook komen kijken. Het vierde en het vijfde leerjaar zijn vrijdagochtend naar onze generale repetitie komen kijken. Op het einde van de generale repetitie heeft meester Dirk ( de meester van 5A) nog enkele tips gegeven.De sint werd gespeeld door Dylan en Max, de zeurpieten door Carlijn, Jill, Xander en Maxime. Dokter Vliegensvlug werd gespeeld door Lenne. De gewone zwarte pieten werden gespeeld door Marie, Line, Stef en Yana. De hoofdpieten waren Lore, Raven, Céleste en Janne. Burgemeester Goeietrouw was Robbe. Voor de muziek zorgde ik (Witse). Het was een leuke ervaring. We waren wel zenuwachtig, maar alles was vlot verlopen.

 

Witse 6B

 

6B helpt kinderen van 1B lezen.

Speurtocht met onze tutorlezertjes

 

Op dinsdag 10 Oktober hebben we met onze tutorlezertjes van het eerste leerjaar een soort speurtocht gedaan. Degenen van het zesde leerjaar kregen een plattegrond van de school met een paar kruisjes op sommige plaatsen, daar hingen woordjes. Die moesten we zoeken en als we er een hadden gevonden moest het tutorlezertje dat woord lezen maar ook kunnen hakken en plakken. We hadden ok een klein blaadje gekregen omdat op elk woordje een nummer stond. We moesten die nummer dan achter het juiste woord schrijven ons tutorlezertje het woordje juist had gelezen. Alle woordjes waren over de hele school verstopt dus we waren wel even bezig. Op het einde als we alle woordjes hadden gehad moesten we terug naar de klas van juf Katleen (1B) daar keken ze aan de hand van de nummertjes alles na en zijden daarna of je alles juist had of een foutje had gemaakt. Na al dat moesten we gewoon terug zoals altijd gewoon helpen beter te lezen.

Lenne 6B

 

Speurtocht met onze                      

         tutorlezrtjes  

We zijn samen met onze lezertjes gaan zoeken naar Woordjes. Onze lezertjes vonden het heel leuk.                    In die speurtocht zijn woordjes gaan zoeken en ze moesten die toen lezen. We kregen allemaal een blad met alle woordjes rondom de hele school en ook een blad met alle woordjes die ze moesten lezen. Op elk woordje stond een cijfer. Als de lezertjes het woord goed hadden gelezen moesten wij op het blad dat cijfer opschrijven in het juiste vakje. Daarna zijn we nog wat gaan lezen in de klas van juf Katleen. Ik ging samen lezen met Mateo die kan all heel goed lezen! We hadden alle woorden juist en hij had de woorden heel goed gelezen. Ik vond het wel leuk want dat is ook wel iets anders dan lezen in de klas terwijl dat het toch op hetzelfde neerkomt. Ik hoop dat mijn tutor het ook leuk vond en iedereen het leuk vond

Ovale toelichting: Super leukvan max

Dichten als Bas Rompa 6A

Ik wou dat ik een konijn was,

dan sprong ik op en neer.

Ik wou dat ik een slang was,

dan ging ik heen en weer.

Ik wou dat ik een olifant was,

dan was ik sterk en groot.

Ik wou dat ik een bakker was,

dan maakte ik altijd brood.

 

Ik wou dat ik een brandweer was,

dan bluste ik heel veel vuur.

Ik wou dat ik een taart was,

dan kreeg ik veel glazuur.

Ik wou dat ik een snoepje was,

dan was ik heel erg zoet.

Ik wou dat ik een mammoet was,

dan had ik een lange snoet.

 

Zenab Soule

 


Ik wou dat ik een zon was,

dan scheen ik elke keer.

Ik wou dat ik een luiaard was,

dan sliep ik veel meer.

Ik wou dat ik een leeuw was,

dan had ik mooie manen.

Ik wou dat ik Tarzan was,

dan hing ik aan lianen.

 

Ik wou dat ik een kat was,

dan kon ik lekker spinnen.

Ik wou dat ik een vis was,

dan had ik mooie vinnen.

Ik wou dat ik een kussen was,

dan was ik lekker zacht.

Ik wou dat ik een koningin was,

dan had ik veel macht.

 

Ine Quintelier

 

Ik wou dat ik een zon was,
dan scheen ik elke dag.
Ik wou dat ik een boot was,
dan voer ik als ik mag.
Ik  wou dat ik een oog was,
dan maakte ik je blij.
Ik wou dat ik een voet was,
dan rolde ik in de wei.


Ik wou dat ik een tovenaar was,
dan maakte ik iedereen blij.
Ik wou dat ik een boek was,
dan las iedereen mij.
Ik wou dat ik een pen was,
dan werd ik veel gebruikt.
Iik wou dat ik een snobje was,
dan zetten ze me buiten.

Matts Keesman

 

Ik wou dat ik een band was,

dan gleed ik naar de zee.

Ik wou dat ik een krant was,

dan ging ik lekker mee.

Ik wou dat ik een hond was,

dan was mijn buikje zacht.

Ik wou dat ik van bont was,

dan had ik altijd een warme vacht.

 

 

Ik wou dat ik een pen was,

dan ging ik heen en weer.

Ik wou dat ik een den was,

dan was er heel veel sfeer.

Ik wou dat ik een tas was,

dan nam ik alles mee.

Ik wou dat ik een das was,

dan was ik bij de zee.

 

Lander Merks

 

Ik wou dat ik een schaar was,

dan knip ik in papier.

Ik wou dat ik een kind was,

dan werd ik sowieso vier.

Ik wou dat ik een jas was,

dan was ik altijd dicht.

Ik wou dat ik een model was,

dan had ik een mooi gezicht.

 

Ik wou dat ik een deur was,

dan ging ik open en dicht.

Ik wou dat ik een lamp was,

dan geef ik heel veel licht.

Ik wou dat ik een papier was,

dan ben ik helemaal wit.

Ik wou dat ik een liedje was

dan had ik misschien een hit.

 

Laure Julien

 

Ik wou dat ik een hond was,

dan sprong ik op iedereen.

Ik wou dat ik een konijn was,

dan at ik wortels van kop tot teen.

Ik wou dat ik een flamingo was,

dan danste ik in het meer.

Ik wou dat ik een pauw was,

dan had ik een kei mooie veer.

 

Ik wou dat ik een knuffel was,

dan sliep ik heel de dag.

Ik wou dat ik een mast was,

dan had ik een hele mooie vlag

Ik wou dat ik een zwaluw was,

dan stootte ik mij maar één keer aan dezelfde steen.

Ik wou dat ik een piraat was,

dan had ik een kei mooi houten been.

 

Eline Schoenmaekers

 

Ik wou dat ik een fee was,

dan blonk ik in de lucht.

Ik wou dat ik een vogel was,

dan sloeg ik op de vlucht.

Ik wou dat ik gras was,

dan werd ik gemasseerd.

Ik wou dat ik koningin was.

dan werd ik vereerd.

 

Ik wou dat ik een zon was,

dan scheen ik overal.

Ik wou dat ik een voet was,

dan ging ik naar de hal.

Ik wou dat ik een trui was,

dan was ik lekker zacht.

Ik wou dat ik een leeuw was,

dan had ik mooie vacht.

 

Helena

 

Ik wou dat ik een slang was,

dan sloop ik weg in een woud.

Ik wou dat ik een vogel was,

dan stak ik mijn snavel in het hout.

Ik wou dat ik een aap was,

dan klom ik in een boom.

Ik wou dat ik een  luiaard was,

dan was ik heel erg sloom

           

Ik wou dat ik een printer  was,

dan zou ik alles printen.

Ik wou dat ik een wasmachine was,

dan zou ik alles wassen.

Ik wou dat ik een nietjesmachine was,

dan zou ik alles nieten.  

Ik wou dat ik een lift was,

dan zou ik naar boven stijgen   

 

Tobe Vandersande      

 

Ik wou dat ik een  lamp was,

dan gaf ik veel licht.

Ik wou dat ik een ramp was,

dan bewoog ik als een schicht

Ik wou dat ik een bal was,

dan draaide ik in het rond.

Ik wou dat ik een stal was ,

Dan rook ik naar de stront.

 

Ik wou dat ik de wind was,

dan blies ik iedereen omver.

Ik wou dat ik een kind was,

dan liep ik als een ster.

Ik wou dat ik een  blad was,

dan vloog ik heen en weer.

Ik wou dat ik een stad was,

dan brachten de lichtjes veel sfeer .

Rune

 

Ik wou dat ik een tijger was,

dan was ik gecamoufleerd in het hoge gras.

Ik wou dat ik klein was,

dan spiekte ik door het lichte glas.

Ik wou dat ik een vlinder was,

dan was ik mooi en elegant.

Ik wou dat ik groot was,

Dan was ik eindelijk eens frappant.

 

Ik wou dat ik een bloem was,

dan scheen ik in de zon.

Ik wou dat ik een vlieg was,

dan woog ik tenminste geen 100 ton.

Ik wou dat ik het zand was,

dan waaide ik met de wind mee.

Ik wou dat ik een konijn was,

dan ging ik op en nee.

Anaïs

 

Ik wou dat ik een schommel was,

dan vloog ik heen en weer.

Ik wou dat ik een schoen was,

dan was ik mooi van leer.

Ik wou dat ik een fietsbel was,

dan zong ik de hele dag.

Ik wou dat ik een ninja was,

dan sloeg ik een harde slag.

 

Ik wou dat ik een klok was,

dan tikte ik de hele tijd door.

Ik wou dat ik muziek was,

dan kwam ik in iemands oor.

Ik wou dat ik een uil was,

dan zong ik ganse nacht.

Ik wou dat ik een krekel was,

dan piepte ik soms zacht.

 

Siemen

 

Ik wou dat ik niks was,

dan kan ik niks doen.

Ik wou dat ik gras was,

dan was ik lekker groen.

Ik wou dat ik Donald Trump was,

dan was ik de broer van Donald Duck.

Ik wou dat ik een chauffeur was,

dan had ik een coole truck.

 

Maryke

 

Ik wou da ik een blad was,

dan viel ik af een boom.

Ik wou dat ik een wolk was,

dan ben ik een droom.

Ik wou dat ik een pen was,

dan danste ik op het papier.

Ik wou dat ik een clown was,

dan had iedereen veel plezier.

 

Ik wou dat ik een kaars was,

dan geef ik veel licht.

Ik wou dat ik een doosje was,

dan ga ik open en dicht.

Ik wou dat ik en donut was,

dan heb ik veel glazuur.

Ik wou dat ik een eenhoorn was,

dan  leef ik in de natuur.

 

Lena

 

Ik wou dat ik een letter was,

dan stond ik overal.

Ik wou dat ik een huis was,

dan had ik een mooie hal.

Ik wou dat ik een muis was,

dan kroop ik in een gat.

Ik wou dat ik een schoen was,

dan stond ik op een mat.  

 

Ik wou dat ik een piloot was,

dan vloog ik in de lucht.

Ik wou dat ik een leerling was,

dan sloeg ik een diepe zucht.

Ik wou dat ik een papa was,

dan had ik een kleine spruit.

Ik wou dat ik een bel was,

dan riep ik heel luid.

 

Ik wou dat ik een dier was,

dan moet ik niet meer leren.

Ik wou dat ik een vis was,

dan zwom ik in meren.

Ik wou dat ik een vonkje was,

dan gaf ik heel veel licht.

Ik wou dat ik een arend was,

dan had ik een groot zicht.

 

Lotte

 

Ik wou dat ik een kat was,
dan had ik scherpe klauwen. 
Ik wou dat ik een schaap was,
dan was ik aan het kauwen.
Ik wou dat ik een mens was,
dan kon ik lekker trouwen. 
Ik wou dat ik een blok was,
dan kon ik lekker bouwen.

Ik wou dat ik een ezel was,
dan zei ik vaak IA.
Ik wou dat ik een lama was,
dan at ik heel vaak sla. 
Ik wou dat ik een jongen was,
dan kon ik heel hard rennen.
Ik wou dat ik een meisje was,
dan kon ik super pennen.

Maxim

 

Ik wou dat ik een hond was,

dan dronk ik heel veel water.

Ik wou dat ik een kat was,

dan had ik niet altijd een kater.

Ik wou dat ik een boek was,

dan keken ze in mij.

Ik wou dat ik een hamster was,

dan verjaarde ik in mei.

 

Ik wou dat ik een konijn was,

dan huppelde ik heen en weer.

Ik wou dat ik een weerman was,

dan voorspelde ik het weer.

Ik wou dat ik een rekenmachine was,

dan wist ik echt heel veel.

Ik wou dat ik een lama was,

dan tufte ik uit mijn keel.

 

Senne

 

Ik wou dat ik een kat was,

dan kreeg ik meer aandacht.

Ik wou dat ik ijs was,

dan was ik lekker glad.

Ik wou dat ik een kussen was,

dan was ik heel zacht.

Ik wou dat ik een koningin was,

dan had ik veel macht.

 

Ik wou dat ik een roos was,

dan rook ik heel lekker.

Ik wou dat ik een gremlin was,

dan was ik nog gekker.

Ik wou dat ik een tijger was,

dan had ik een mooie vacht.

Ik wou dat ik almachtig was,

dan had ik veel kracht.

Victoria

 

Ik wou dat ik een paard was,

dan huppelde ik heen en weer.

Ik wou dat ik een grot was,

dan woonde hier een beer.

Ik wou dat ik mijn broer was,

dan was ik flink misschien voor deze ene keer.

Ik wou dat ik een vis was,

dan zwom ik in het meer.

 

Ik wou dat ik een druif was,

dan lag ik bij Felix de banaan.

Ik wou dat ik een wolk was,

dan vloog ik voor de maan.

Ik wou dat ik een auto was,

dan reed ik over een laan.

Ik wou dat ik een pompbak was,

dan haatte ik de kraan.

 

Lukas

 

Ik wou dat ik een vis was.

Dan zwom ik weg,

Ik wou dat ik een hond was.

Dan sprong ik over de heg,

Ik wou dat ik een schommel was.

Dan ging ik heen en weer,

Ik wou dat ik een geweer was.

Dan schoot ik iedereen neer,

 

Ik wou dat ik een klok was.

Dan tikte de wijzers rond,

Ik wou dat ik een bal was.

Dan rolde ik over de grond,

Ik wou dat ik een stoel was.

Dan kon iedereen op mij zitten,

Ik wou dat een schaar was.

Dan knipte ik alle linten.

 

Magaley